 |
|
Als schilder maakt Jozef De Coene deel uit van de generatie die omstreeks 1890 de Kortrijkse schilderkunst een nieuwe dimensie gaf. Daarvoor stond Kortrijk bekend voor zijn stevige traditie van 19de-eeuwse dierenschilders (Robbe, Wouter Maertens e.a.) en romantische schilders als Jean-Baptiste De Jonghe. Deze kunstenaars hebben misschien geen grote bekendheid bij het publiek maar zijn al lange tijd herontdekt door de internationale kunsthandel en hun werk is dus verspreid in de hele wereld.
Het werk van Jozef De Coene bekleedt een aparte plaats in onze kunst tijdens het interbellum.De realisten uit die periode, waartoe hij behoort, hebben nog niet veel aandacht gekregen. Dat kan echter snel veranderen nu - zoals in het begin van een eeuw past - de smaak verandert. Sedert enige tijd ziet men op kunstbeurzen een formidabele terugkeer van de figuratieve schilderkunst, het genre waarvan zoveel kunstpausen al de dood hebben voorspeld of verklaard. Het gaat hier om jonge kunstenaars die net als De Coene bedachtzaam en aan de hand van foto’s werken. Het ligt voor de hand dat dit vroeg of laat tot een geheel andere waardering van het werk van De Coene – een voorloper in deze context – zal leiden. Men moet zich inderdaad losmaken van de 20ste-eeuwse manier van zien om zijn zoekende geest en eigen moderniteit te ontdekken.
Joost De Geest, kunstcriticus
Depotnr. : ISBN 90-2096209-4 |