logo de coene
stichting decoene
 
NL
FR
ENG
 
STICHTING DE COENE GESCHIEDENIS PUBLICATIES CONTACT
 
G
E
S
C
H
I
E
D
E
N
I
S
1
9
5
2
-
1
9
7
7

 

 

1952-1977
N.V. Houtindustrie De Coene en Co (°1966)
Modernisme - Knoll-licentie - prefab - gelamelleerde houten spanten

De Kunstwerkstede verwerft in 1954 het exclusief Benelux-licentierecht voor het vervaardigen en het verkopen van de moderne Amerikaanse Knoll-meubelen uit de V.S. De industriële productiewijze, in de vooroorlogse periode reeds toegepast op de vervaardiging van triplex, van radiokasten en noodwoningen, wordt nu ook doorgetrokken naar de meubelmakerij. Kwaliteit in afwerking blijft echter centraal staan. Om dit te waarborgen en zich de modernistische visie eigen te maken, richt het bedrijf in 1956 een eigen studie- en ontwerpbureau op. Binnen de constructieafdeling gaat de specialisatie in prefab-bouwsystemen nog verder. De ingenieurs gaan tot het uiterste in het perfectioneren van gelamelleerde houten spanten. Deze innovaties worden het visitekaartje op de Wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel. De Kunstwerkstede is op de expo alomtegenwoordig door medewerking aan een 30-tal projecten, waaronder tientallen paviljoenen, de Expo-mast, de toegangspoorten en wandelbruggen.

Het bedrijf staat vanaf dat moment opnieuw aan de top omdat de nieuwe lichting ingenieurs, architecten, ontwerpers, decorateurs en productieleiders met een zelfde visie samenwerken. Enkel de bejaarde Arthur Deleu, nochtans overtuigd door de nieuwe Amerikaanse levensstijl, heeft het moeilijk om de vooroorlogse visie op de eigenheid van de De Coene-meubelmakerij los te laten. De productiewijze mag dan wel veranderd zijn, de geest van de Arts and Crafts om tot een totale integratie te komen in meubilair, inrichting en architectuur blijft latent aanwezig. Er wordt echter resoluut voor functionele, modernistische toepassingen gekozen. Ontwerpers en/of inrichters als Jimmy Corneille, Jérôme Dervichian, Philippe Neerman, Willy Nel, Fred Sandra; de architecten van prefabgebouwen: Frans Vuye, André Goddeeris en Roland Deleu; de pioniers in de spanten bouw: Joris De Hulsters en Jules Boone: samen maken ze van De Coene opnieuw een internationaal topbedrijf in de houtindustrie. De groei is zo groot dat in 1966 het familiebedrijf N.V. De Kortrijkse Kunstwerkstede Gebroeders De Coene zich transformeert tot de industriële groep
N.V. Houtindustrie De Coene en Co. Door instap van de Generale maatschappij is een verdere expansie mogelijk. Verschillende bedrijven worden op korte tijd overgenomen en geïntegreerd:

1966
S.A. d'Exploitation des Ateliers Stéphane Jasinski, Brussel
Fineerbedrijf Heinsch

1967  
Novopan, Wilrijk

1968
Fibrocit

Tevens krijgt De Coene participatie in bosexplotaties in Midden-Afrika.

Het bedrijf groeit uit zijn voegen. Een nieuw burelencomplex en nieuwe fabriekshallen verrijzen in Kortrijk. Maar onder meer tengevolge van een aantal verkeerde strategische beslissingen wordt het bedrijf in 1976 uiteindelijk ontbonden.
De activiteit wordt opgesplitst in verschillende autonome vennootschappen, zoals De Coene Products, De Coene Decor N.V. (gespecialiseerd in interieurinrichting), De Coene Construct N.V.en De Coene Bexom (zagerij in Gent). De definitieve ontbinding en vereffening heeft plaats op 1 januari 1977.

1954
Xe Triënnale Milaan, houten kapspant ontwerp architect De Poerck
'Erediploma'

1955  
Feria Internacional de Bogota, Belgisch Paviljoen, arch. Jacques Dupuis
'Gouden Medaille'.

1958  
Internationale Wereldexpositie Brussel:  
'Grote Prijs' in de groep 'Houtnijverheden'
'Erediploma' in de groep 'Gebouwen en Woningen'.

1964  
Triënnale Milaan, Decoplan, ontwerp Philippe Neerman en Willy Nel    
'Eerste Prijs'

• Producties van onder meer meubelen Knoll International, EFAC, Continent en  
  Decoplan
• Industriële producten zoals Decowall, brandwerende deuren, gebakeliseerde
  platen, spaanderplaten, e.a.
• Geprefabriceerde gebouwen: paviljoenen, schoolgebouwen, woningen,
  Clubs des jeunes
• Spantenbouw: Europees Parlement, kerken, sportzalen, hallen, silo’s e.a.
• Inrichtingen: UNESCO Parijs, UNO Genève, Bijenkorf Rotterdam, stadhuizen,
  auditoria, concertgebouwen (o.m. De Doelen Rotterdam), Koninklijk Bibliotheek
  Albert I (Brussel), e.a.

1952-1977


©2008